Snel van uw pijn af? Binnen 1 week een afspraak bij onze orthopedisch specialisten op 10 locaties.

Orthozorg (v/h Echozorg) Specialist in Orthopedie
Afspraak Binnen één Week bij 10 Locaties

Orthozorg (voorheen Echozorg)
  • Home
  • Aandoeningen
    • Schouder
      • Slijmbeursontsteking schouder
      • Frozen Shoulder
      • Tendinitis calcarea
      • Peesontsteking schouder
      • Artrose schouder
      • Cuff ruptuur
      • Artrose AC gewricht
      • Biceps Tendinitis
    • Elleboog
      • Tennisarm
      • Golferselleboog
      • Slijmbeurs-ontsteking elleboog
    • Pols en hand
      • Quervain
      • Triggervinger
      • Artrose duim
      • Ganglion pols
    • Heup
      • Slijmbeurs-ontsteking heup
    • Knie
      • Artrose knie
      • Jumpers knee
      • Osgood Schlatter
    • Voet en enkel
      • Achillespees ontsteking
      • Hielspoor
      • Mortons neuroom
      • Peesplaatontsteking
  • Behandelingen
    • Echografie
    • Echogeleide injectie
    • Cortisone injectie
    • Hyaluronzuur injectie
    • ACP injectie
    • Barbotage
    • Shockwave therapie
  • Over ons
    • Meest gestelde vragen
    • Vestigingen
    • Tarieven en vergoedingen
    • Rekening
    • Verwijzers
    • Reviews
    • Geef een review
    • Klachten en privacy
  • Contact
  • Menu Menu

Artrose schouder

Versleten schouder | slijtage schouder | omarthrose | glenohumerale artrose

Anatomische illustratie van artrose van de schouder: slijtage van het kraakbeen tussen de schouderkop en schouderkom, met label "Slijtage van kraakbeen"

Herkent u deze klachten?

  • Een continu zeurende pijn in de schouder
  • Moeite met het optillen van uw arm
  • Een krakende schouder bij het bewegen

Dan is de kans groot dat u last heeft van schouder artrose.

Gaan de klachten niet weg? Maak een afspraak bij Orthozorg.

Bel nuContact
Bel nuContact
List List Menu
  • Wat is het?
  • Diagnose en onderzoek
  • Behandeling
  • Operatie
  • Snel geholpen
  • FAQ
  • Injectie

Bij 1 op de 6 patiënten met schouderklachten is artrose de oorzaak.

Een versleten schouder, omarthrose, glenohumerale artrose: verschillende namen voor hetzelfde.

Het kraakbeen van de schouderkop en schouderkom slijt, waardoor de botten niet meer soepel over elkaar glijden.

De klachten zijn wisselend

De een heeft nauwelijks last, de ander veel — vooral als de slijtage ook een ontsteking veroorzaakt.

Bij beginnende klachten helpen rust, paracetamol en fysiotherapie.

Heeft u dat geprobeerd maar houden de klachten aan?

Dan is het verstandig uw schouder te laten onderzoeken. Hoewel slijtage niet te genezen is, zijn de pijnklachten wél goed te behandelen.

Meestal met een cortisone-injectie, soms met hyaluronzuur of ACP/PRP. Slechts een kleine groep patiënten heeft uiteindelijk een schouderprothese nodig.

Eerst zien, dan behandelen

Dat is het motto van Orthozorg, een polikliniek voor orthopedie. U wordt altijd gelijktijdig onderzocht door een orthopeed én echografist.

Met een röntgenfoto brengen we de mate van artrose in beeld. Met echografie zien we de ontsteking en de weke delen rondom het gewricht.

Kunnen we u direct behandelen, dan doen we dat tijdens het eerste consult.

Op deze pagina leggen we u uit wat artrose van de schouder is, hoe we de juiste diagnose stellen en welke behandelingen of operaties mogelijk zijn.

Maak een afspraak bij Orthozorg

Binnen één week onderzocht op een van onze 10 locaties.

Op verwijzing van uw huisarts. Vergoed vanuit de basisverzekering. Geen eigen bijdrage, wel eigen risico.

Bel nuContact
Bel nuContact

Artrose schouder in het kort

Artrose van de schouder (omarthrose of glenohumerale artrose) is slijtage van het kraakbeen van de schouderkop en schouderkom. Het kraakbeen wordt dunner en ruwer, waardoor de botten meer wrijving ondervinden bij het bewegen. Bij ernstige artrose is het kraakbeen zo goed als verdwenen en schuurt de schouderkop direct tegen de schouderkom.

  • Slijtage van het kraakbeen tussen de schouderkop en schouderkom — ook wel omarthrose of glenohumerale artrose
  • Bij 1 op de 6 patiënten met schouderklachten is artrose de oorzaak
  • Klachten zijn wisselend: de een heeft nauwelijks last, de ander veel — vooral als het gewricht ook ontstoken raakt
  • Artrose is niet te genezen, maar de pijn is goed te behandelen: cortisone-injectie, hyaluronzuur of ACP
  • Diagnose via röntgenfoto en echografie — bij twijfel een proefinjectie
  • Bij Orthozorg: diagnose én behandeling in 1 consult, binnen 1 week

Orthozorg — Eerst Zien, dan Behandelen

“Eerst zien, dan behandelen.” Dat is het motto van Orthozorg.

Orthozorg is een orthopedische polikliniek met 10 vestigingen in Nederland. Sinds 2012 behandelen we jaarlijks 5.000 patiënten met schouder-, elleboog-, knie- en voetklachten.

Wat ons onderscheidt: u wordt altijd onderzocht door een orthopeed én een echografist, tijdens hetzelfde consult. Geen doorverwijzing, geen wachten op een apart onderzoek. We stellen de diagnose en behandelen vaak op dezelfde dag.

Dat kunnen we omdat we de beeldvorming zoveel mogelijk in eigen hand hebben. Op de echo, de röntgenfoto of de MRI.

Orthozorg heette vroeger Echozorg. Opgericht door echografist Robert de Zoete, begonnen met één echo op de Hoornse Geldelozeweg.

Inmiddels hebben we alle orthopedische beeldvorming in huis, inclusief een eigen mobiele MRI-, röntgen- en echobus.

De Orthozorg Mobiele Eenheid: een eigen bus uitgerust met MRI, röntgen en echografie voor orthopedisch onderzoek op locatie

De naam veranderde. Ons hart voor echografie niet. We zeggen het nog steeds dagelijks tegen onze patiënten: Eerst Een Echo.

Deze pagina is geschreven door Pieter Schillemans (orthopedisch chirurg NP) & Robert de Zoete (echografist) en eind redactie: Ans Derks (psychiater). Laatste update: maart 2026.

Wat is artrose van de schouder?

In een gezonde schouder zorgt het kraakbeen van de schouderkop en schouderkom ervoor dat de botten soepel over elkaar kunnen glijden.

Bij artrose slijt dit kraakbeen. Het wordt dunner, ruwer en onregelmatiger, waardoor meer wrijving ontstaat bij het bewegen van de arm.

Bij ernstige artrose is het kraakbeen zo goed als verdwenen en schuren de botten direct tegen elkaar aan.

Het lichaam reageert met botwoekeringen (osteofyten) aan de randen van het gewricht.

Anatomische 3D-illustratie van ernstige artrose van de schouder: het kraakbeen van de schouderkop is grotendeels weggesleten en toont uitgebreide ontstekingsreacties zichtbaar als rode verkleuringen op het botoppervlak

Maar de slijtage zelf veroorzaakt niet altijd pijn. De meeste klachten ontstaan door de ontsteking die de artrose uitlokt.

We noemen dat artritis. De schouder voelt dan warm en gezwollen aan en dat is het moment waarop de pijn echt toeneemt.

Dit verklaart het wisselende verloop

Iemand met ernstige slijtage op de röntgenfoto kan weinig pijn hebben. Een ander heeft veel pijn bij milde slijtage, omdat het gewricht ontstoken is.

Oorzaak

Bij de meeste patiënten is er geen directe oorzaak voor artrose van de schouder. Leeftijd is veruit de belangrijkste factor.

Het kraakbeen wordt zachter naarmate u ouder wordt, waardoor het gemakkelijker slijt. Artrose van de schouder komt het meest voor bij mensen boven de 60 jaar, treft vrouwen vaker dan mannen en is vaak een familiekwaal. Veel patiënten geven aan dat hun klachten spontaan zijn ontstaan.

Slechts bij een deel van de patiënten is een specifieke oorzaak aan te wijzen:

Overbelasting

Langdurige, zware belasting van de arm verhoogt het risico op slijtage. Denk aan beroepen waarbij u veel met de arm boven het hoofd werkt, of aan topsporters zoals dansers en werpatleten. Ook overgewicht belast het schoudergewricht extra.

Cuff-artropathie

Bij een lang bestaande scheur in een of meer schouderpezen staat de schouderkop niet meer perfect in de kom. Hierdoor slijt het kraakbeen sneller — soms al jaren voordat u er last van heeft. We noemen dit cuff-artropathie. Bij deze vorm van artrose is een omgekeerde schouderprothese de beste oplossing, omdat de deltaspier de functie van de gescheurde pezen overneemt.

Schouder uit de kom

Een schouder die herhaaldelijk uit de kom gaat, herstelt nooit volledig. De gewrichtsoppervlakken sluiten daarna minder goed op elkaar aan, waardoor het kraakbeen ongelijk belast wordt. Bijna 1 op de 5 patiënten met een voorgeschiedenis van schouderluxaties ontwikkelt uiteindelijk artrose.

Trauma

Een breuk van de schouderkop of schouderkom kan het kraakbeen direct beschadigen. Door de veranderde vorm slijt het gewricht daarna sneller. Een oude breuk kan zelfs jaren later artrose veroorzaken. Trauma is de belangrijkste oorzaak van schouderartrose op jonge leeftijd.

Reuma

Reumatische aandoeningen zoals reumatoïde artritis, jicht en pseudojicht veroorzaken ontstekingen in het gewricht die het kraakbeen aantasten. Bij reuma bestaat de kans dat ook andere gewrichten aangedaan raken.

Infectie

Een infectie van het schoudergewricht kan het kraakbeen beschadigen en artrose veroorzaken. Dit is zeldzaam, maar wel een bekende oorzaak — met name na een eerdere operatie of bij een verminderde weerstand.

Avasculaire necrose

Bij avasculaire necrose sterven de botcellen van de schouderkop af door een verstoorde bloedtoevoer. Dit kan komen door langdurig alcoholgebruik of bepaalde medicijnen, waaronder corticosteroïden. De schouderkop verliest zijn ronde vorm, waardoor het gewricht gaat slijten.

💡 Bron: Ibounig T et al. Glenohumeral Osteoarthritis: An Overview of Etiology and Diagnostics. Acta Orthopaedica, 2021.

Klachten en symptomen

[toggle title=”Klachten en symptomen” id=”klachten”]De klachten bij artrose van de schouder ontstaan meestal geleidelijk. In het begin merkt u af en toe wat stijfheid of een zeurende pijn. Deze klachten komen en gaan.

Soms krijgen mensen plotseling veel pijn — bijvoorbeeld na een onverwachte beweging of een drukke dag. Bij onderzoek blijkt dan vaak dat er al langer sprake was van artrose, maar dat de klachten tot dan toe mild waren.

Naarmate de slijtage vordert, nemen bij de meeste mensen de klachten toe. Ook ’s nachts kan de pijn opspelen, wat comfortabel slapen bemoeilijkt.

Pijn

De pijn zit vaak niet in de schouder zelf, maar aan de zijkant van de bovenarm. Dat verwachten veel mensen niet. Ook kan de pijn uitstralen naar de nek of het schouderblad. Bij ontsteking van het gewricht is de pijn vrijwel continu aanwezig, ook in rust.

Stijfheid

U kunt de arm minder soepel en minder ver bewegen. Vooral het heffen en naar buiten draaien van de arm worden lastiger. Als de schouder steeds stijver wordt, merkt u dat in dagelijkse handelingen — uw haren kammen, aankleden, wassen.

Krakende schouder

De botten van de kop en kom zijn niet meer perfect glad. Bij het bewegen van de arm kan dit een krakend of klikkend geluid geven (crepitaties). Het kan geen kwaad, maar het kan wel hinderlijk zijn.

Krachtverlies

Als er naast artrose ook een gescheurde schouderpees aanwezig is, kunt u de arm soms helemaal niet meer optillen. Normale dagelijkse handelingen zoals aankleden of huishoudelijke taken worden dan steeds lastiger.

Wisselend verloop

Artrose kent goede en slechte dagen. Kou, vochtig weer of vermoeidheid kunnen de klachten tijdelijk verergeren. Dat wisselende patroon is kenmerkend.

Wat er in uw schouder gebeurt bij artrose

Artrose wordt vaak omschreven als ‘slijtage’. Maar wat er in uw schouder gebeurt is complexer dan dat. In een gewricht met artrose spelen vijf processen tegelijk een rol — en dat verklaart waarom de klachten zo wisselend kunnen zijn.

De vier stadia van artrose

Orthopeden delen gewrichtsslijtage in vier stadia op basis van de Kellgren-Lawrence schaal — wereldwijd de standaard voor het beoordelen van artrose op röntgenfoto’s:

Stadium 1 (beginnende artrose) → Stadium 2 (matige artrose) → Stadium 3 (gevorderde artrose) → Stadium 4 (ernstige artrose: bot-op-bot contact)

  • Graad 1: Twijfelachtige vernauwing van de gewrichtsspleet, mogelijke kleine osteofyten
  • Graad 2: Duidelijke osteofyten, mogelijke vernauwing van de gewrichtsspleet
  • Graad 3: Matige osteofyten, duidelijke vernauwing, enige botvervorming
  • Graad 4: Grote osteofyten, ernstige vernauwing of verdwijning van de gewrichtsspleet, bot-op-bot contact

Röntgenfoto's ter illustratie van de Kellgren-Lawrence schaal: van graad A (geen artrose) tot graad D (ernstige artrose met bot-op-bot contact) — gebruikt door orthopeden wereldwijd om de ernst van gewrichtsslijtage te beoordelen

De Kellgren-Lawrence schaal: van graad A (geen artrose) tot graad D (ernstige artrose). Hoe smaller de ruimte tussen de botten, hoe verder de artrose gevorderd is.

Belangrijk: het stadium op de röntgenfoto komt niet altijd overeen met de ernst van de pijn. Iemand met graad 2 kan meer pijn hebben dan iemand met graad 3. De vijf processen hieronder verklaren waarom.

1. Veranderingen in bot en kraakbeen

In een gezond schoudergewricht zorgt kraakbeen voor een gladde, veerkrachtige laag tussen de botten. Bij artrose wordt dit kraakbeen dunner en verliest het veerkracht, wat de wrijving vergroot. De gewrichtsspleet vernauwt tot er bij ernstige artrose bot-op-bot contact ontstaat. Botten verdikken en vormen uitsteeksels (osteofyten) aan de randen van het gewricht. Het gewrichtskapsel verstijft en wordt dikker, wat de beweging verder beperkt. Enzymen (matrix-metalloproteinasen) breken het kraakbeen versneld af, terwijl de aanmaak stagneert — een balans die bij artrose structureel verstoord is.

2. Het gewrichtsvocht droogt uit

Gezond gewrichtsvocht bevat veel hyaluronzuur — een natuurlijke smeerstof die tot 1000 keer zijn gewicht aan vocht vasthoudt. Het werkt als vloeistof bij langzame bewegingen (smering) en als gel bij snelle bewegingen (schokabsorptie). Bij artrose maakt het lichaam minder en kwalitatief slechter hyaluronzuur aan. De smering neemt af, beweging wordt stroever en pijnlijker. De schokdemping vermindert. Het gewricht droogt als het ware uit en verliest zijn natuurlijke veerkracht.

3. Chronische ontstekingsreacties

Afbraakproducten van het kraakbeen irriteren het slijmvlies van het gewricht (synovium). Ontstekingscellen reageren met de aanmaak van ontstekingsstoffen die extra vocht aantrekken, het gewrichtskapsel laten opzwellen en stijfheid veroorzaken. Dit is de belangrijkste bron van pijn bij artrose — niet de slijtage zelf. Kraakbeen heeft namelijk geen zenuwen. De ontsteking creëert een vicieuze cirkel: ontstekingsstoffen tasten het kraakbeen verder aan, wat meer ontsteking geeft. Meer dan de helft van de artrosepatiënten heeft tekenen van synovitis, ook in vroege stadia van de ziekte.

4. Abnormale bloedvaten en pijngevoelige zenuwen

Door aanhoudende ontstekingsprocessen groeien abnormale bloedvaatjes (neovascularisaties) in het gewrichtskapsel. Met deze vaatjes groeien pijngevoelige zenuwvezels mee die voortdurend signalen naar de hersenen sturen — ook in rust en ’s nachts. Artrose is hierdoor niet alleen een mechanisch maar ook een neurologisch probleem. Dit verklaart waarom artrosepijn soms aanhoudt, zelfs als er weinig slijtage zichtbaar is op de röntgenfoto — en omgekeerd, waarom ernstige slijtage niet altijd ernstige pijn geeft.

5. Het hele gewricht raakt betrokken

Artrose wordt nog vaak gezien als een kraakbeenziekte. Maar recent onderzoek toont aan dat het hele gewricht aangedaan raakt: gewrichtskapsel, subchondraal bot, omliggende spieren en pezen. Dit maakt artrose een progressieve aandoening van het gewricht als geheel — en verklaart waarom vroege behandeling het meeste effect heeft, wanneer de meeste structuren nog intact zijn.

💡 Bronnen: Ibounig T et al. Glenohumeral Osteoarthritis: Etiology and Diagnostics. Acta Orthopaedica, 2021 | Walsh DA et al. Angiogenesis and nerve growth in osteoarthritis. Nature Reviews Rheumatology, 2012 | Loeser RF et al. Osteoarthritis: a disease of the joint as an organ. Arthritis & Rheumatism, 2019.

Diagnose en onderzoek

Op een röntgenfoto is schouderartrose goed te zien.

Orthopeden delen gewrichtsslijtage in vier stadia. Van beginnende slijtage tot bot-op-bot contact. De ernst beoordelen ze met de Kellgren-Lawrence schaal.

Röntgenfoto van ernstige artrose van de schouder: de pijlen wijzen op de versmalde gewrichtsspleet tussen schouderkop en schouderkom en de botuitsteeksels (osteofyten) die kenmerkend zijn voor gevorderde artrose

Maar een röntgenfoto alleen zegt niet alles.

Weke delen zijn niet zichtbaar op röntgen: ontstoken pezen, slijmbeurzen en gewrichtsontsteking blijven buiten beeld.

Daarom onderzoeken we bij Orthozorg patiënten met schouderartrose altijd ook met echografie.

echografie van de schouder
Zo krijgen we een compleet beeld.

Echografie

Waar de röntgenfoto de slijtage toont, laat de echo zien waarom u pijn heeft.

De echografist kan samen met de orthopeed precies zien:

Kraakbeen en bot

Bij artrose is het kraakbeen van de schouderkop vaak dun en onregelmatig. Ook botuitsteeksels (osteofyten) zijn goed zichtbaar, zelfs in een vroeg stadium. Hoe meer botuitsteeksels, hoe ernstiger de artrose.

Ontstekingen en vocht

Een echo laat direct zien of er ontstekingsvocht in het schoudergewricht zit. Dit ontstaat door wrijving van de ruwe gewrichtsoppervlakken. Ook het gewrichtskapsel is goed te beoordelen — verdikking wijst op ontsteking. Dit helpt bij het bepalen van de juiste behandeling.

Schouderpezen (rotator cuff)

De toestand van de schouderpezen is bij schouderartrose cruciaal. Op de echo zien we direct of de pezen intact zijn of aangetast. Bij een lang bestaande scheur naast artrose — cuff-artropathie — verandert de behandelkeuze volledig. Dit bepaalt mede of een gewone of omgekeerde prothese de beste optie is.

Cysten

Met echo zijn donkere plekjes (cysten) in de schouderkop goed te zien. Deze met vocht gevulde holtes ontstaan door verhoogde druk bij artrose.

💡 Bij Orthozorg: Röntgen en echo samen geven het complete beeld — de slijtage én de ontsteking. Beide altijd tijdens hetzelfde consult.

Röntgenfoto van de schouder

Een röntgenfoto is de standaard voor het vaststellen van artrose. We zien direct de mate van slijtage, het stadium en de veranderingen in het gewricht.

Anders dan veel mensen denken, toont een röntgenfoto geen kraakbeen direct. Kraakbeen is niet zichtbaar op röntgen. Maar we kunnen de kraakbeenlaag wél indirect beoordelen — door de ruimte tussen de schouderkop en schouderkom te meten. Hoe smaller die ruimte, hoe meer kraakbeen er verloren is gegaan.

Röntgenfoto van ernstige artrose van de schouder: de pijlen wijzen op de versmalde gewrichtsspleet tussen schouderkop en schouderkom en de botuitsteeksels (osteofyten) die kenmerkend zijn voor gevorderde artrose

Wat zien we op de röntgenfoto?

Versmalde gewrichtsspleet
In een gezonde schouder zit er een duidelijke ruimte tussen de schouderkop en schouderkom. Bij artrose wordt deze ruimte steeds smaller. Bij ernstige artrose is de gewrichtsspleet vrijwel verdwenen — bot-op-bot contact.

Botuitsteeksels (osteofyten)
Het lichaam reageert op de verhoogde druk door extra bot aan te maken aan de randen van het gewricht. Deze osteofyten bieden extra stabiliteit, maar veroorzaken stijfheid en pijn bij bewegen. Meer en grotere osteofyten wijzen op verder gevorderde artrose.

Botverdichting (sclerose)
Als het kraakbeen dunner wordt, vangt het bot meer belasting op. Het lichaam versterkt dit bot — sclerose. Op de röntgenfoto zichtbaar als heldere, witte zones onder het gewrichtsoppervlak.

Cysten
Kleine, donkere vlekjes in het bot zijn cysten: met vloeistof gevulde holtes die ontstaan door de verhoogde druk en wrijving bij artrose.

Standsverandering
Bij ernstige artrose kan de schouderkop achterwaarts verschuiven in de kom — posterieure subluxatie. Dit is een belangrijk gegeven bij de keuze voor het type prothese.

Wat toont een röntgenfoto niet?

Weke delen zijn niet zichtbaar op röntgen: pezen, slijmbeurzen en de ontsteking in het gewricht. Daarvoor gebruiken we echografie.

Stadiëring volgens Kellgren-Lawrence

Op basis van de röntgenfoto bepalen we het stadium van de artrose. Dit doen we met de Kellgren-Lawrence schaal — van graad 1 (beginnende slijtage) tot graad 4 (bot-op-bot contact). Het stadium bepaalt mede welke behandeling zinvol is.

💡 Bij Orthozorg: We maken de röntgenfoto altijd tijdens hetzelfde consult — geen aparte afspraak, geen wachten. Samen met de echo geeft dit direct een compleet beeld.

Wanneer is een MRI nodig?

Orthopeden vragen bij schouderartrose zelden een MRI aan. De röntgenfoto en echo geven samen meestal voldoende informatie voor de diagnose en de behandelkeuze.

Toch kan een MRI in specifieke situaties waardevol zijn:

Vermoeden van een peesscheur

Als we op echo een beschadiging van de rotator cuff vermoeden maar geen volledig beeld krijgen, kan een MRI uitsluitsel geven. De toestand van de pezen is cruciaal bij de keuze tussen een gewone prothese en een omgekeerde prothese.

Beenmergoedeem

Soms zien we op een MRI vochtophoping in het beenmerg onder het beschadigde kraakbeen. Dit is niet zichtbaar op een röntgenfoto. Het kan verklaren waarom iemand meer pijn heeft dan de slijtage op de röntgenfoto zou doen vermoeden.

Onduidelijkheid over de diagnose

Soms geven röntgen en echo geen volledig beeld — bijvoorbeeld bij jongere patiënten of bij een ongewoon klachtenpatroon. Een MRI geeft dan aanvullende informatie over kraakbeen, labrum, pezen en banden.

Operatieplanning

Bij patiënten die in aanmerking komen voor een prothese vragen we soms een MRI aan als aanvulling op de röntgenfoto. Zo beoordelen we de botstructuur en peestoestand nauwkeurig voor de operatie.

💡 Bij Orthozorg: We vragen alleen een MRI aan als dit werkelijk toegevoegde waarde heeft voor uw diagnose of behandelplan. Onze orthopeed bespreekt altijd met u waarom dit onderzoek in uw situatie wel of niet nodig is.

Proefinjectie

Schouderartrose kan soms lastig te onderscheiden zijn van andere schouderaandoeningen. 

Daarbij komt dat pijn en slijtage op een röntgenfoto of echo niet altijd gelijk opgaan.

Patiënten kunnen veel last hebben van pijn en stijfheid zonder dat er afwijkingen zichtbaar zijn op de röntgenfoto. Vooral bij beginnende artrose is dit het geval. Anderzijds betekenen afwijkingen op röntgenfoto of echo niet automatisch klachten.

Om zeker te weten dat de pijn uit het schoudergewricht komt, spuiten we een kleine hoeveelheid lidocaïne, een verdovingsmiddel, in het gewricht.

Nemen de klachten binnen enkele minuten af? Dan is het aannemelijk dat de pijn uit het schoudergewricht komt en is artrose de meest waarschijnlijke oorzaak.

Echogeleide precisie

Bij Orthozorg voeren we de proefinjectie altijd echogeleid uit. Zo zien we precies waar de naald zich bevindt en komt het middel exact in het gewricht terecht.

Een blinde injectie, zonder echogeleiding, mist bij de schouder in een kwart tot de helft van de gevallen het gewricht. Dat maakt de uitkomst onbetrouwbaar.

💡 Bij Orthozorg: Diagnose en eerste behandeling in één consult. Als de proefinjectie de pijn verlicht, kunnen we tijdens hetzelfde bezoek direct starten met de behandeling.

Bron: Vassalou et al. Ultrasound-Guided Glenohumeral Joint Injection. Mediterranean Journal of Rheumatology, 2025 | Gross et al. Glenohumeral Joint Injections: A Review. Sports Health, 2013.

Schouderartrose met veel pijn?

Maak een afspraak met Orthozorg. U wordt gelijktijdig onderzocht door een orthopeed én echografist.

Binnen één week weet u wat er speelt — en wat helpt.

[CTA knoppen]

Behandeling

De pijn bij schouderartrose is goed te behandelen. De meeste patiënten hebben geen operatie nodig.

Begin met rust, belasting aanpassen en pijnstillers. Fysiotherapie heeft beperkt effect op de slijtage zelf, maar wél op spierkracht en stabiliteit rond uw gewricht.

Houden de klachten aan, dan zijn er gerichte injectiebehandelingen.

  • Cortisone remt de ontsteking
  • Hyaluronzuur herstelt de smering
  • ACP/PRP beschermt het resterende kraakbeen en remt de ontstekingscyclus

Helpen injecties onvoldoende, dan kan een zenuwblokkade de pijn langdurig dempen. Bij een kleine groep patiënten is uiteindelijk een schouderprothese de volgende stap.

Wat kunt u zelf doen?

Het slijtageproces van het kraakbeen kunnen we niet terugdraaien. Maar de pijnklachten verbeteren vaak door de belasting van de schouder te verminderen.

Als u de schouder minder ver beweegt, bewegen de versleten kraakbeendelen minder langs elkaar en is er minder irritatie.

Tips om de schouderbelasting aan te passen

  • Beweeg uw schouder binnen de pijngrenzen. De uiterste standen doen het meeste pijn: ver naar buiten draaien en hoog optillen. Naar buiten draaien wekt meestal de meeste pijn op.
  • Lig niet op de pijnlijke schouder.
  • Maak niet langdurig dezelfde beweging met de schouder.
  • Vermijd zware belasting zoals opdrukken of tillen met gestrekte arm.

Pijnstillers

Begin met paracetamol in de maximale dosering. Veilig, niet verslavend. Niet gebruiken bij leverafwijkingen of alcoholgebruik.

Werkt paracetamol onvoldoende? Dan kunt u,  in overleg met uw arts, tijdelijk een NSAID toevoegen zoals diclofenac of ibuprofen. Deze zijn effectiever bij ontsteking, maar hebben meer bijwerkingen en zijn niet geschikt voor langdurig gebruik.

Fysiotherapie

Bij lichte tot matige artrose kan fysiotherapie goed helpen. Vooral gericht op spierkracht en stabiliteit rond het schoudergewricht.

Belangrijk: de oefeningen mogen geen pijn doen. Pijn tijdens oefeningen is een signaal dat de belasting te hoog is. Uw fysiotherapeut kan u adviseren hoe u de schouder het beste kunt belasten zonder de klachten te verergeren.

Wanneer naar de huisarts of orthopeed?

Dat hangt af van hoe lang u al klachten heeft en hoe ernstig ze zijn.

Korter dan 3 maanden klachten?

Begin met rust, belasting aanpassen en paracetamol. Vermijd zware belasting en bovenhands werk. Fysiotherapie kan helpen bij spierkracht en stabiliteit. Sommige mensen verbeteren in deze fase al aanzienlijk.

Langer dan 3 maanden, of dagelijks hinder?

Bespreek het met uw huisarts. Een echogeleide cortisone-injectie in het schoudergewricht is dan vaak de volgende stap — zeker als het gewricht ook ontstoken is. De meeste patiënten hebben binnen enkele dagen duidelijk minder pijn.

Klachten die ondanks injecties terugkomen?

Dan zijn er andere behandelingen mogelijk — hyaluronzuur, PRP of een zenuwblokkade. Vraag een verwijzing naar de orthopeed voor verder onderzoek en een persoonlijk behandelplan.

💡 Bij Orthozorg: U wordt binnen één week gezien door een orthopeed én echografist. We stellen direct de juiste diagnose en kunnen u vaak tijdens het eerste consult al echogeleid behandelen.

Injectie

Injecties werken het beste bij milde tot matige artrose – stadium 1 tot 3. Bij ernstige artrose (stadium 4) is het effect beperkt.

Een cortisone injectie is meestal de eerste keuze. Cortisone is een krachtige ontstekingsremmer. Cortisone geneest de artrose niet. Het remt de ontsteking die de pijn veroorzaakt.

De meeste patiënten ervaren enkele maanden verlichting. Sommigen zijn na één injectie klachtenvrij, anderen hebben af en toe een herhalingsinjectie nodig.

Echogeleide injectie in de schouder: de echokop wordt op de schouder geplaatst terwijl de naald echogeleid in het schoudergewricht wordt gebracht voor de behandeling van artrose

Werkt cortisone onvoldoende of te kort? Dan is een behandeling met hyaluronzuur of ACP/PRP de volgende stap.

Waarom echogeleid? Het schoudergewricht ligt diep. Bij een blinde injectie mist de naald het gewricht in een kwart tot de helft van de gevallen. Bij Orthozorg injecteren we altijd onder echogeleiding. Precies op de juiste plek.

Cortisone-injectie bij schouderartrose

Bij artrose raakt het gewrichtskapsel ontstoken. Het slijmvlies zwelt op, maakt extra vocht aan en houdt de pijn in stand. Cortisone doorbreekt die cyclus.

Wat kunt u verwachten?

  • Direct: minder pijn door de verdoving (lidocaïne) die we meegeven
  • Twee uur later: de verdoving is uitgewerkt, de pijn komt even terug
  • Binnen 2 tot 3 dagen: de cortisone begint te werken
  • Rond 2 weken: het volledige effect is bereikt

Hoe lang werkt het?

Dat verschilt sterk per patiënt, van enkele weken tot zes maanden. Sommige patiënten zijn na één injectie definitief klachtenvrij. Bij anderen komen de klachten na enkele maanden terug. De injectie kan herhaald worden, maar maximaal 2 tot 3 keer per jaar. Te veel cortisone kan het kraakbeen verder aantasten.

Bijwerkingen

De meeste mensen verdragen de injectie goed. Mogelijke bijwerkingen in de eerste week: hartkloppingen, een warm gevoel in het gezicht, tijdelijke verhoging van de bloedsuikers bij diabetespatiënten. Een infectie is zeldzaam, minder dan 1 op de 3.000 injecties.

Lees alles over cortisone-injecties bij Orthozorg, bijwerkingen, voor- en nadelen per aandoening.

Hyaluronzuur injectie

Hyaluronzuur is een natuurlijk bestanddeel van gezond gewrichtsvocht. Bij artrose neemt de kwaliteit af, waardoor smering en schokdemping verslechteren. Een injectie vult dit tekort aan.

Anders dan cortisone remt hyaluronzuur geen ontsteking. Het herstelt de mechanische functie van het gewricht.

Het effect bouwt op over 1 tot 3 weken en houdt 3 tot 6 maanden aan. Bij een premium product tot 9 maanden. Ongeveer 55 tot 60% van de patiënten met milde tot matige schouderartrose ervaart duidelijke verbetering.

Hyaluronzuur is geschikt bij stadium 1 tot 3, zonder actieve ontsteking. Is er wel ontsteking, dan starten we eerst met cortisone.

Na 3 tot 4 weken kan hyaluronzuur volgen. Bij artrose met ernstige peesschade (cuff-artropathie) is het effect beperkt.

Zeker een optie als u een operatie nog niet ziet zitten.

Lees alles over hyaluronzuur bij Orthozorg, producten, kosten en vergoedingen.

Bron: McKee et al. Medical Devices, 2019 | Familiari et al. Journal of Orthopaedic Research, 2023.

[/toggle]

Bloedplasma behandeling (ACP)

ACP/PRP is een behandeling met uw eigen bloedplasma.

Het plasma bevat groeifactoren die vier dingen tegelijk doen: de ontsteking remmen, de aanmaak van gewrichtsvloeistof stimuleren, het resterende kraakbeen beschermen en pijngevoeligheid verminderen.

Het effect bouwt zich op over 2 tot 4 weken. Bij milde tot matige schouderartrose ervaart ongeveer 50 tot 55% van de patiënten duidelijke verbetering. De werkingsduur is gemiddeld 6 tot 12 maanden. Bij artrose met ernstige peesschade (cuff-artropathie) is het effect beperkt.

ACP/PRP is geen eerste keuze bij schouderartrose — daarvoor is cortisone of hyaluronzuur geschikter.

ACP/PRP komt in beeld als andere injecties onvoldoende of te kort helpen. En het heeft één belangrijk voordeel: herhaling is zonder bezwaar mogelijk, omdat het uw eigen lichaamsmateriaal betreft.

Lees alles over ACP/PRP bij Orthozorg, kosten en vergoedingen.

Bron: Xiong et al. Efficacy and safety of PRP injections for osteoarthritis: a systematic review and meta-analysis. Frontiers in Medicine, 2023 | Abd Elfatah et al. Effect of PRP therapy for shoulder osteoarthritis. QJM, 2023.

Zenuwblokkade van de schouder

Als injecties in het gewricht onvoldoende helpen, kan een zenuwblokkade de pijn langdurig dempen. De behandeling richt zich niet op de slijtage, maar op de pijngeleiding zelf.

Twee zenuwen verzorgen het gevoel in de schouder: de nervus suprascapularis (70%) en de nervus axillaris (30%). Een pijnspecialist blokkeert deze zenuwen met een injectie van verdovingsvloeistof en cortisone, echogeleid. Hierdoor bereiken minder pijnprikkels de hersenen. Spierkracht en gevoel blijven intact.

Echogeleide zenuwblokkade van de schouder: de echokop en naald worden echogeleid geplaatst voor een PRF-behandeling van de nervus suprascapularis bij chronische schouderpijn

De behandeling werkt bij 6 op de 10 patiënten. Het effect houdt minimaal 3 maanden aan, soms langer. De kans op complicaties is klein. Bij onvoldoende effect van een gewone blokkade kan een PRF-behandeling worden overwogen, waarbij de zenuw 4 minuten met een zwak stroompje wordt behandeld voor een langduriger effect.

Bij Orthozorg verwijzen we u voor deze behandeling gericht door naar een pijnspecialist.

Bron: Richtlijnendatabase.nl. Nervus suprascapularis blokkade bij therapieresistente schouderklachten. Nederlandse Orthopaedische Vereniging, 2024.

[/toggle]

Operatie

Een schouderprothese is het eindstation. De operatie komt in beeld als injecties en andere behandelingen onvoldoende hebben geholpen en de artrose ver gevorderd is.

De meeste patiënten die een schouderprothese krijgen zijn ouder dan 70 jaar. Pijn is veruit de belangrijkste reden. Het succespercentage ligt rond de 90%.

Illustratie van twee typen schouderprothesen naast elkaar: links de anatomische schouderprothese met metalen kop op de bovenarm, rechts de omgekeerde schouderprothese met de bol op het schouderblad

Welk type prothese het beste past, hangt af van de toestand van de schouderpezen. Zijn de pezen intact, dan is een gewone anatomische prothese de eerste keuze.

Zijn de pezen ernstig beschadigd, dan is een omgekeerde schouderprothese de betere optie. Omdat de deltaspier dan de functie van de pezen overneemt.

Bij Orthozorg opereert orthopedisch chirurg Maarten de Vos patiënten met schouderartrose. Met meer dan 25 jaar ervaring als schouderchirurg weet Maarten precies welke prothese bij uw situatie past. U kunt snel terecht — geen onnodige tussenstappen.

Anatomische schouderprothese

Bij een anatomische prothese worden de schouderkop en schouderkom vervangen door een metalen kop met een kunststof kom. De opbouw lijkt op uw eigen schoudergewricht.

Dit type is de eerste keuze als uw schouderpezen nog intact zijn. De pezen zijn nodig om de kop in de kom te houden. Is dat het geval, dan geeft een anatomische prothese de beste bewegingsvrijheid na herstel.

Anatomische illustratie van een schouderprothese: de metalen schouderkop is geplaatst in de bovenarm, de kunststof kom op het schouderblad, bij intacte schouderpezen

Wat kunt u verwachten?

  • Pijn: verdwijnt bij de meeste patiënten vrijwel direct na de operatie
  • Mitella: zes weken dragen, mag af voor wassen en aankleden
  • Herstel: volledig functioneel na 3 tot 6 maanden
  • Beweging: arm tot boven het hoofd is voor de meeste patiënten weer mogelijk

Verwacht geen 100% herstel. Het doel is een pijnvrije schouder die goed functioneert in het dagelijks leven. Alles wat meer is, is meegenomen.

Omgekeerde schouderprothese

Bij een omgekeerde prothese worden kop en kom verwisseld. De bol komt op het schouderblad, de kom op de bovenarm. Dit verandert het krachtenspel van de schouder fundamenteel.

De juiste keuze als de schouderpezen ernstig beschadigd zijn en niet meer functioneren. De grote deltaspier neemt dan de heffunctie over. Zonder intacte pezen werkt een gewone prothese niet.

Anatomische illustratie van een omgekeerde schouderprothese: de metalen bol is bevestigd op het schouderblad en de plastic kom op de schouderkop van de bovenarm

Wat kunt u verwachten?

  • Pijn: verdwijnt bij de meeste patiënten na de operatie
  • Beweging: arm optillen tot schouderhoogte is voor de meeste patiënten weer mogelijk
  • Draaien: blijft meer beperkt dan bij een anatomische prothese
  • Herstel: 6 tot 12 maanden

Na 8 tot 10 jaar kan de heffunctie geleidelijk iets achteruit gaan doordat de deltaspier meer belast wordt dan normaal. De functie blijft dan nog altijd beter dan voor de operatie.

Binnen één week geholpen

Schouderartrose en veel pijn?

Maak een afspraak met Orthozorg. U wordt gelijktijdig onderzocht door een orthopeed én echografist.

Binnen één week weet u wat er speelt — en wat helpt.

[CTA knoppen]

Zo werkt het:

  1. Verwijzing: vraag uw huisarts om een verwijzing orthopedie naar Orthozorg
  2. Contact: wij bellen u binnen 24 uur voor een afspraak
  3. Consult: binnen één week, op een van onze 10 locaties
  4. Behandeling: vaak al tijdens het eerste consult met een echogeleide injectie in de slijmbeurs

Vergoed vanuit de basisverzekering. Geen eigen bijdrage, wel eigen risico.

Maak een afspraak bij Orthozorg

Bel nuContact
Bel nuContact

Veelgestelde vragen – FAQ

Hoe voelt artrose in de schouder?

De pijn zit vaak niet in de schouder zelf, maar aan de zijkant van de bovenarm. Dat verwachten veel mensen niet. Kenmerkend is het wisselende verloop: goede en slechte dagen, stijfheid na rust en een krakend gevoel bij bewegen. Als het gewricht ook ontstoken raakt, is de pijn vrijwel continu aanwezig — ook ’s nachts.

Gaat schouderartrose vanzelf over?

Nee. Artrose is een chronische aandoening — kraakbeen herstelt zichzelf niet. Maar de pijnklachten zijn goed te behandelen en wisselen van nature. Goede periodes wisselen af met slechte. Zonder behandeling worden de klachten bij de meeste mensen geleidelijk erger.

Wat is het verschil tussen een cortisone-injectie, hyaluronzuur en ACP/PRP?

De drie injecties werken op een heel andere manier en zijn voor verschillende situaties geschikt. Cortisone remt de ontsteking snel. Effect binnen 2 tot 3 dagen, werkingsduur 1 tot 3 maanden. Eerste keuze als het gewricht ook ontstoken is. Hyaluronzuur herstelt de smering van het gewricht. Effect na 1 tot 3 weken, werkingsduur 3 tot 6 maanden. Eerste keuze bij mechanische klachten zonder actieve ontsteking. ACP/PRP beschermt het resterende kraakbeen via lichaamseigen groeifactoren. Effect na 2 tot 4 weken, werkingsduur 6 tot 12 maanden. Logische vervolgstap als cortisone of hyaluronzuur onvoldoende helpt.

Wanneer is een schouderprothese nodig bij artrose?

Een schouderprothese is het eindstation. De operatie komt pas in beeld als injecties en fysiotherapie onvoldoende hebben geholpen en de artrose ver gevorderd is. De meeste patiënten komen er nooit aan toe. Pijn is veruit de belangrijkste reden om te opereren, niet de slijtage op de röntgenfoto.

Wordt een cortisone-injectie vergoed bij schouderartrose?"

Een cortisone-injectie wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Geen eigen bijdrage, wel eigen risico. Hyaluronzuur kost bij Orthozorg geen eigen bijdrage bij het standaard product. ACP/PRP kost 270 euro voor één gewricht en wordt niet vergoed.

Heb ik een verwijzing nodig voor Orthozorg?

Ja. Vraag uw huisarts om een verwijzing orthopedie naar Orthozorg. U ontvangt een ZD-nummer per e-mail. Daarna bellen wij u binnen 24 uur voor een afspraak. Binnen één week bent u gezien op een van onze 10 locaties.

Wat kan ik zelf doen bij schouderartrose?

Beweeg binnen de pijngrenzen. Vermijd de uiterste standen van de schouder — ver naar buiten draaien en hoog optillen doen het meeste pijn. Lig niet op de pijnlijke schouder. Begin met paracetamol. Fysiotherapie heeft beperkt effect op de slijtage zelf, maar versterkt wel de spieren rond het gewricht.

Hoe lang duurt herstel na een schouderprothese?

Zes weken mitella dragen, volledig functioneel na 3 tot 6 maanden. De pijn verdwijnt bij de meeste patiënten vrijwel direct na de operatie. Verwacht geen 100% herstel — het doel is een pijnvrije schouder die goed functioneert in het dagelijks leven.

Contact

085 047 1627

Stuur een bericht

Reviews

Kosten en Vergoeding

Onderzoeken en behandelingen worden vergoed vanuit de basiszorg. Let op: U heeft een verwijzing orthopedie nodig van uw huisarts of specialist.

Vestigingen

    • Amsterdam
    • Zaandam
    • Purmerend
    • Hoorn
    • Heemskerk
    • Heerhugowaard
    • Houten
    • Woerden
    • Almelo
    • Deventer
    • Enschede

Over Orthozorg

Orthozorg (voorheen Echozorg) is een polikliniek voor orthopedie. U wordt altijd binnen één week onderzocht door een orthopeed en echografist. Zo komen wij zonder vertraging tot de juiste diagnose. Vaak kunnen we u tijdens het eerste consult al behandelen.

Aandoeningen

Schouder
Artrose AC gewricht
Artrose schouder
Biceps Tendinitis
Cuff ruptuur
Frozen Shoulder
Peesontsteking schouder
Slijmbeursontsteking schouder
Tendinitis calcarea

Elleboog
Golferselleboog
Slijmbeursontsteking elleboog
Tennisarm

Pols en hand
Artrose duim
Ganglion pols
Quervain
Triggervinger

Heup
Slijmbeursontsteking heup

Knie
Artrose knie
Jumpers knee
Osgood Schlatter

Voet en enkel
Achillespees ontsteking
Hielspoor
Mortons neuroom
Peesplaatontsteking

Behandelingen

Cortisone injectie
Hyaluronzuur injectie
ACP injectie
Echogeleide injectie
Barbotage
Shockwave therapie

Aangesloten bij

Verwijzers kunnen ons in ZorgDomein vinden onder Medisch specialistische zorg > Orthopedie > Gewrichtsaandoeningen

Vestigingen

Amsterdam, Zaandam, Purmerend, Hoorn, Haarlem, Heemskerk, Heerhugowaard, Houten, Woerden, Almelo, Deventer

Over ons

Contact
Vestigingen
Verwijzers
Meest gestelde vragen
Zorgkaart Nederland

Openingstijden

Ma. 8:30 – 17:00 uur
Di. 8:30 – 17:00 uur
Wo. 8:30 – 17:00 uur
Do. 8:30 – 17:00 uur
Vr. 8:30 – 17:00 uur

Scroll naar bovenzijde Scroll naar bovenzijde Scroll naar bovenzijde